Gelezen: Het bos, het handboek voor elke boswandeling

Het maken van een boswandeling is een van mijn favoriete alledaagse bezigheden. Met de komst van de teckeltjes is het ook noodzakelijk, want die raken na een paar dagen uitgekeken op het straatbeeld bij ons in de buurt. Die willen lekkere luchten opsnuiven en in de bosgrond wroeten. Voor de baasjes is het een manier om het hoofd leeg te maken en de benen moe. Toen ik bij de boekhandel dit ‘handboek voor de boswandeling’ van boswachter Peter Wohlleben zag liggen, werd ik direct nieuwsgierig. Waarvoor heb je dan een handleiding nodig?

SONY DSC

Bos??

Het eerste dat opvalt is dat het boek gaat over het Duitse bos. Die wouden zijn ietsje groter dan de Nederlandse bossen, en ook de wet- en regelgeving over het gebruik van bossen is in Duitsland anders. Daar lopen nog steeds gewapende mannen in groen rond op zoek naar wild. Je ziet ook overal van die hutjes op palen staan. Die zie je in Nederland nergens. Maar ook Duitse bossen zijn eigenlijk geen natuurlijke (oer)bossen. Het zijn eerder bomenplantages. En dan nog vaak van het verkeerde soort ook, als je het vanuit een ecologisch oogpunt bekijkt, zo legt de schrijver uit. Naaldbomen komen hier namelijk van nature helemaal niet voor: het is hier daarvoor namelijk veel te warm en te droog. Naaldbossen zijn voornamelijk aangelegd voor de houtkap, volgens Wohlleben per abuis vaak natuurbehoud genoemd. Maar goed, wij zijn regelmatig op vakantie geweest in Duitsland en vooral de Eifel en het Beierse Woud komt op ons echt wel over als een behoorlijk bosachtig gebied.

SONY DSC

Allemaal beestjes

Als ik ergens een gloeiende hekel aan heb zijn het kriebelende beestjes, insecten dus. Helaas zijn die van april tot ver in oktober in het bos te vinden. Met een hoogtepunt van juni tot en met augustus. Ik ben er door het lezen van dit boek niet bepaald geruster op geworden. Naast de bekende steekmug (ik ga allang niet meer met blote nek, armen en benen het bos in), Daas en ander zoemend gespuis leerde ik al de Teek kennen. Een spinachtige van het geniepigste soort. De teckeltjes, en dan vooral Evi, worden er regelmatig door bezocht. De anekdote van deze boswachter van een krassende teek op zijn trommelvlies zal me nog lang bijstaan.
Maar ik leer nu ook van de Vossenlintworm. Ik dacht altijd “die zie ik van een afstand aankomen”. Het beestje is echter zo klein dat je het nauwelijks ziet. Massaal aanwezig en – net als de Teek – ziektes met zich meebrengend.
Je zou niet zeggen dat ik van de bosnatuur hou, want (kruis)spinnen vind ik ook niet echt geweldig. In september moet je onderhand tastend je weg banen om niet in de spinnenwebben te lopen. Gelukkig heb ik altijd een Echtgenoot voor mij lopen die deze taak op zich neemt.
Via dit boek leerde ik nog een nieuw beestje kennen: het Beerdiertje. –  Piepkleine beestjes die overal blijken voor te komen, van het hooggebergte tot de diepzee. In het bos zitten ze blijkbaar vooral in het mos. En ze zijn erg moeilijk dood te maken. Als je mos mee naar binnen neemt en daarna weer naar buiten, dan komen ze gewoon weer tot leven.

SONY DSC

Leuke natuurfeitjes

Dit boek bevat nog meer van deze nutteloze maar leuke feitjes over de natuur en het bos, waarvan hier enkele voorbeelden:
* de Middelste Bonte Specht heeft oude beukenbomen nodig. Jongere bomen hebben te gladde stammen waardoor de vogels zich niet kunnen vasthouden;
* muggen houden erg van de geur van pasgewassen haar, dus NIET je haar wassen voordat je in het bos gaat wandelen;
* Als je geen dennenappels onder een naaldboom aantreft, dan heb je niet met een Den of een gewone Spar te maken, maar met een Zilverspar. Die laat zijn vruchten niet vallen.
* Nesten van rode Bosmieren tref je alleen in naaldbossen aan. Naalden bouwen nou eenmaal lekkerder dan losse blaadjes.
* Als je wil overleven in het bos, dan kan je het beste op zoek gaan naar het cambium van sparren. Dat is de groeilaag van de boom, die onder de bast zit. Vanaf maart kan je dat eraf schillen. Daar kan je ook de larven van de Boktor vinden, die ook erg voedzaam schijnen te zijn. Wel eerst de kop kapotkauwen, anders bijt het eten terug.
* Bij regen schuil je het best onder een naaldboom in plaats van onder een loofboom. De laatste zal via de takken het water weer naar zijn wortels dirigeren, waardoor een tweede regenbui ontstaat.

SONY DSC

Conclusie

Deze handleiding voor elke boswandeling vond ik een leuk boek om te lezen. Het is wel erg op de Duitse situatie geschreven, maar de vertaler schetst in voetnoten waar nodig de Nederlandse situatie. De hoofdstukken over bosbouw, hoe je brandhout moet beoordelen en het jagen vond ik de minst interessante delen van het boek.

Het bos, handleiding voor elke boswandeling van Peter Wohlleben. – Bruna, 2017 is bij oa. bol.com te koop voor 18,99 (hardcover) of 9,99 (ebook)

One thought on “Gelezen: Het bos, het handboek voor elke boswandeling

Add yours

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Create a website or blog at WordPress.com

Omhoog ↑