Gevederd genoegen of kwetterend onheil?

Volièrevogels van het kleine tropische soort. Die bevolken sinds een aantal jaren verschillende hoeken van onze huiskamer. Vaak tot ons genoegen, maar tegenwoordig steeds vaker tot onze ergernis omdat ze zorgen voor veel herrie, rotzooi en jonkies.

Het begon met de aanschaf van een volière met een koppeltje Zebravinken, een koppeltje Spitsstaartamadines en een koppeltje Japanse meeuwtjes. Enkele jaren en ervaringen in het kweken van kleine tropen verder, gaat een groot gedeelte van de inmiddels tot meer dan 25 vogels uitgebreide residenten hun koffertjes pakken. Hieronder een overzicht van onze ervaringen met de diverse geverderde gasten, die hoodfzakelijk tot de Australische prachtvinkenfamilie behoren.

Zebravinken

Ze zien er schattig uit, deze vogeltjes, zeker als je een koppeltje hebt. Maar waag het niet te bedenken dat meerdere koppeltjes in een voliere nog meer plezier zou kunnen opleveren. Het tegendeel is waar. Onze ervaring is dat er een complete burgeroorlog uitbreekt, omdat ze allemaal zonodig het nestje willen hebben, waar het andere stel net is ingetrokken.

Ze moeten en zullen ook per se broeden en zo veel mogelijk nieuwe generaties Zebravinkjes aan onze populatie toevoegen. Dat is ze bij ons gedeeltelijk gelukt. Ach, het was wel leuk hoor, kleine vogeltjes. Maar helaas zijn die binnen drie weken net zo groot als de ouders. En net zo lawaaiig.

Het dier maakt geluid dat klinkt als “trompetachtig snorren”, waarbij het mannetje kleine melodieën van dit geluid maakt”

Aldus Wikipedia. Nou, vergeet het maar. Het kwettert en tettert tot je oren ervan toeteren, en zo lang het buiten licht is. En dat is in de zomer best wel lang…Alle jongen gaan de deur uit. Alleen het oorspronkelijke “echtpaar” mag blijven.

Spitsstaartamadines

Het koppeltje dat in eerste instantie in onze voliere verbleef, waren achteraf twee mannetjes. Nadat er eentje was overleden, hebben we er een vrouwtje bij gezet. En dat hebben we geweten. Ze begonnen direct aan de nestbouw en niet lang daarna hadden wij geen twee maar vijf spitsstaartamadines.

“De spitsstaartamadine is een temperamentvolle vogel, die niet geschikt is om samen met kleinere vogels in een gehouden te worden. Ook soortgenoten onder elkaar kunnen behoorlijk agressief zijn.” (Wikipedia)

En ook dat hebben we gemerkt. Het zijn hele leuke koddige vogeltjes, maar twee mannetjes bij elkaar met nog een vrouwtje erbij is geen goed idee. Twee mannetjes moeten verhuizen.

Japanse Meeuwtjes

“Japanse meeuwtjes zijn sociale en vreedzame vogels. Ze vinden het prima met hun eigen soortgenoten en andere vogels.” (Wikipedia

Ook in dit zogenaamde koppeltje had de verkoper van de dierenwinkel zich een beetje vergist: het waren twee popjes, zoals de vrouwtjesdieren in deze vogelwereld heten. Ze gingen schattig met elkaar om, mamzie (ze legde erg veel eieren) en Kareltje (zo genoemd voordat wij wisten dat hij een vrouwtje was). Op een kwade dag werd mamzie ziek en overleed. Toen hebben we een echte man voor Kareltje gezocht. Deze heeft inmiddels een familie gecreëerd van zeven meeuwtjes die allemaal harmonieus in een nest verblijven. Geen geruzie te bespeuren. Zij mogen blijven.

Dwaalgasten

Na de eerste lading vinken, amadines en meeuwtjes heeft ook een aantal vogels van ander pluimage in huize Bots onderdak gevonden. De eerste van deze lichting waren de Diamantduiven. En deze brachten in praktijk wat hun verwanten in de open buitenlucht ook als de beste beheersen: KOEREN. Heel VEEL en LUID KOEREN. Dagenlang. En vooral de doffer begint al heeeeeel vroeg. Zijn ega antwoordt altijd trouw.

Deze duiven (Henk en Truus) hadden stiekum voor een nakomeling gezorgd: Odi. Henk en Odi bleken niet door een deur te kunnen. Dus moeder en kind verhuisden naar een ander adres. Maar toen werd Henk overvallen door eenzaamheid. Dus Truus2 deed haar intrede. Een timide exemplaar, dat zich door een van de nazaten van meneer Vink – Spoetnik – van haar staart laat ontdoen ten einde de nestbouw van deze Zebraman mogelijk te maken. Duiven inclusief Zebrazoontje Spoetnik (en zijn vrouw Miep, broertje Joeri en zijn zusje Natasha) gaan verkassen.

Na de Diamantduiven hadden wij nog steeds niet genoeg van vogels, dus volgden nog enkele andere exotische koppeltjes: Rietvinken (ook per ongeluk allebei vrouwtjes), Binsenastrilden en Birkanowastrilden. Deze vogeltjes veroorzaken meer genoegen dan onheil, dus deze mogen allemaal blijven.

Mocht er iemand zijn die het houden van dit soort vogeltjes overweegt: zebravinken, alleen geschikt als je ook in het bezit bent van oordoppen en ruime behuizing vanwege de nazaten. Amadines zijn leuk, maar niet in combinatie met zebravinken. Als ze jongen hebben zijn ze ook niet te genieten. Japanse meeuwtjes zijn onze favoriet: leuk, vredelievend en de mannetjes maken een acceptabel geluid.

Met pijn in het hart nemen wij afscheid van zes zebravinken, twee diamantduiven en twee spitsstaartamadines. Maar ze krijgen het goed bij MEK in Oosterhout.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Create a website or blog at WordPress.com

Omhoog ↑